Einde van een kunstcollectie

Het middeleeuwse kasteel Heeswijk in Noord-Brabant. De plek van één van de meest bizarre verhalen over de teloorgang van een kunstcollectie. Baron André van den Bogaerde kocht het kasteel in 1835. Knapte het op, ging er wonen en toonde er zijn collectie schilderijen, curiosa en antiquiteiten. Na de dood van de baron gingen zijn zoons Louis en Alderic door met verzamelen. Tussen 1870 en 1875 werd er voor de uitdijende collectie een wapenzaal en ijzertoren gebouwd. Het publiek stroomde massaal toe, ook vanuit het buitenland. Musée de Bogaerde werd een begrip. Alderic overleed in 1895 en liet alles na aan de kleinkinderen van zijn overleden broer Amedée. Die was kamerheer van koning Willem II geweest maar wegens zijn levensstijl en grote schulden door de familie onterfd. Wellicht was dat de reden voor een bizar testament. Het kasteel mocht pas weer bewoond worden als de jongste erfgenaam tachtig jaar was, in december 1963. Een rechtszaak van de erfgenamen haalde weinig uit. Wel kregen ze de zeggenschap over de roerende goederen met uitzondering van de familiestukken. Tussen 1897 en 1903 werd het overgrote deel van de kunstcollectie in openbare veilingen verkocht. Het kasteel werd uiteindelijk niet meer bewoond, maar de meeste vertrekken zijn gerestaureerd. Alles ademt weer geschiedenis. Fraai zijn de witte kamer met het zijden behangsel, het plafond van de torenkamer met 81 Chinese porseleinen bordjes en de tinnen kamer met een handjevol van de 250 middeleeuwse beelden uit de kunstcollectie. In de tuin, in 1932 ontworpen in de Oudhollandse 17de eeuwse stijl door Lodewijk Copijn, staan mooie wit marmeren beelden. Overal in en rondom het kasteel kom je mooie verhalen tegen. Bizar is het lot van het zwart-witte barokke altaar van 1620 uit de Sint-Jan in Den Bosch. Jonkheer Louis kocht het van het kerkbestuur na de neogotische herinrichting van de kathedraal. Maar het altaar was te groot, paste nergens en werd ontmanteld. Sommige onderdelen werden ingemetseld in de wapenzaal. Andere delen verkocht. Het schilderij is te bewonderen in het Louvre. Twee engelen zijn teruggevonden en weer te zien in de Sint-Janskathedraal. Rondom het kasteel Heeswijk liggen de vier grote zuilen. Te gebruiken als zitbankje.

Info: Kasteel Heeswijk

Advertenties

Romantisch en onheilspellend

Ze hebben iets vreemds. Niets is wat het lijkt. De landschappen van de Duitse schilder Sven Kroner in het Stedelijk Museum Kampen. Met vaak een binnenvaartschip in een centrale rol. Als een ruïne in de uiterwaarden, gestrand in een ondergelopen Rijnland, zwevend door de lucht, naast een tuinhuisje in een atelier of op de Rijn bij fel onweer. Dat laatste is ongetwijfeld het mooiste schilderij. De krachtige straal,  de ploeterende rijnaak, de tentjes. De mens is kansloos tegen zoveel natuurgeweld. Fraai is ook het dorpje in een besneeuwd berglandschap bij nacht. Het licht straalt in eerste instantie een zekere rust uit. Maar kijk je langer dan bekruipt je een gevoel van naderend onheil. Romantische schilderijen, maar tegelijk een tikkeltje magisch realistisch. Een vleugje Caspar David Friedrich gemengd met Carel Willink. Een absolute aanrader.

Info: Sven Kroner

Van Floris tot Rubens

Een kleine en leuke tentoonstelling in het Bonnefantenmuseum in Maastricht. Zo’n negentig tekeningen uit de zestiende en begin zeventiende eeuw. Bijeengebracht door een Belgische privéverzamelaar. Portretten, landschappen, religieuze en mythologische afbeeldingen van vooral Vlaamse kunstenaars. De meeste tekeningen zijn schetsen voor schilderijen, prenten, glasruitjes of wandtapijten. Soms is er een zelfstandig werk te zien. Een juweeltje is de kruisiging van Johannes Wierix, gemaakt op perkament. De enige tekening uit de vijftiende eeuw is een knielende schenkster met de heilige Michaël.

Info: Van Floris tot Rubens

Unieke kunstcollectie Huis Bergh

Het middeleeuwse kasteel Huis Bergh in ‘s-Heerenberg was het stamslot van de heren en graven Van den Bergh. In 1912 werd het van het verval gered en opgeknapt door de Enschedese textielfabrikant Jan Herman van Heek. Zijn kunstverzameling is uniek. Vroeg-Italiaanse schilderijen, middeleeuwse boeken met prachtige miniaturen en kleine ivoren meesterwerken, zoals het tweeluikje in zakformaat met het leven van Christus. In de troonzaal is Duitse kunst uit de 16de eeuw te zien. Fascinerend is de Heilige Maagschap van Hans Döring met een zelfportret van de schilder tussen de familie van de heilige Anna. In de galerij hangen mooie portretten uit de 15de en 16de eeuw van onder meer Erasmus en de Spaanse koningen Karel V en Philips II. Opvallend is het portret van een Karmeliet met een patroonheilige. Het is een fragment van een drieluik. De boven- en achterkant waren er eind 19de eeuw afgezaagd. Er was toen veel vraag naar middeleeuwse kunst. De verkoop van de losse panelen leverden de handelaren meer op. De kasteeltoren, met een wapenkamer en een muntenverzameling, biedt een fraai uitzicht op de omgeving. De kleine tuin van het kasteel komt in de archieven al voor in 1461 en is daarmee de oudste van ons land.

Info: Kasteel Huis Bergh

Jozef als pantoffelheld

Herman Pleij, emeritus hoogleraar historische Nederlandse letterkunde, deed een greep uit de middeleeuwse collectie van het Catharijneconvent in Utrecht. Het leverde een verrassende en spannende tentoonstelling op. Schilderijen, textiel, miniaturen, wandborden, maar vooral beelden. In korte filmpjes worden sommige kunstwerken toegelicht. Drie thema’s. Beelden als theater. De geraffineerde manier waarop beelden door vorm en kleur in beweging komen. Gezinscultuur. De populaire uitbeeldingen van Anna-te-drieën voor het propageren van het kerngezin met een strakke rolverdeling. Jozef als pantoffelheld. Lachen was verboden. Maar een verstilde glimlach van de maagd Maria kon wel. En Aanzien doet gedenken. Middeleeuwse horror. De gelovige die het lijden van Christus direct kon meebeleven. En waarom moet de kleine Jezus altijd zo prominent naakt zijn?

Info: De Zomer van Herman Pleij