Floris Arntzenius in Gouda

Floris Arntzenius (1864-1925). De Breitner van Den Haag. Schilder van Haagse straattaferelen. Daarvan is niets te zien op de kleine tentoonstelling in Museum Gouda. Dat is jammer. Wel schilderijen over hemzelf en zijn familie. Vier zalen. Bloemstillevens, schetsen, zelfportretten en portretten van zijn ouders, echtgenote Lide Doorman en hun vier dochters. Lezend, tekenend of spelend. Bijzonder zijn drie aquarellen van een innig omhelzend paar. Het doet een beetje denken aan de Oostenrijkse symbolistische schilder Gustav Klimt. Geheimzinnig. Broeierig. Tijdgenoten dachten daarom dat de Haagse schilder een affaire had. Wat niet zo was. Hij was een echte familieman.

Info: Floris Artnzenius en zijn passies

Een korte flirt met De Stijl

Hij was eventjes in de ban van De Stijl. De vergeten schilder en communist Chris Beekman (1887-1964). In het Stedelijk Museum in Amsterdam is zijn ontwikkeling mooi te volgen. Tachtig werken zijn er te zien. Zijn vroege schilderijen met arbeiders en armoedzaaiers hebben grijze, groene en bruine kleuren. Hij raakt in de Eerste Wereldoorlog bevriend met Bart van der Leck. Diens invloed is goed te zien in Halte stoomtram. Beekmans schilderijen worden steeds abstracter. Maar vanaf het midden van de jaren twintig zweert hij de abstractie af. In de ban van het communisme. Terug naar een realistisch stijl. Werkloze en protesterende arbeiders in Amsterdam met strijdbare koppen. Na de oorlog heerst de Cobra-beweging. Het individu staat centraal. Beekmans werk raakt sterk gedateerd. Zijn schilderijen missen ook de uitstraling en zeggingskracht van vóór de oorlog.

Info: Chris Beekman. De afvallige van de Stijl.

Twee pioniers van De Stijl

Piet Mondriaan en Bart van der Leck. Twee pioniers van De Stijl. Voor het eerst samen in een boeiende expositie in het Gemeentemuseum in Den Haag. De twee schilders ontmoeten elkaar in 1917 in het dorpje Laren. Ze worden vrienden en beïnvloeden elkaar. Van der Leck neemt Mondriaans zoektocht naar abstractie over. Mondriaan is onder de indruk van zijn kleurgebruik. Van der Leck schildert voor het eerst in de primaire kleuren, rood, geel en blauw. De ontwikkeling van beide kunstenaars is mooi te volgen. Uiteindelijk komt het tot een breuk. Ze gaan ieder hun eigen weg. Mondriaan blijft verschillende kleuren schilderen. Van der Leck gebruikt diagonalen en keert terug naar de figuratie. Maar een nieuwe kunst is geboren.

Info: Piet Mondriaan en Bart van der Leck. De uitvinding van een nieuwe kunst.

Beeldiconen van De Stijl

Het is honderd jaar geleden dat het tijdschrift De Stijl werd opgericht. Het begin van Nederlands beroemdste kunstbeweging. Ik ben een grote fan. Al sinds De Stijl-tentoonstelling in het Amsterdamse Stedelijk Museum in 1992. Er zijn dit jaar dan ook terecht een keur aan tentoonstellingen. Het Centraal Museum in Utrecht zoomt in op Gerrit Rietveld (1888-1964). De meubelmaker en architect woonde en werkte zijn hele leven in de Domstad. Het is een degelijke tentoonstelling. Met een aantal leuke verrassingen. Rietveld tijdens de Stijl-jaren. De invloed van de andere Stijl-kunstenaars Mondriaan, Theo van Doesburg, Vilmos Huszar, J.J.P. Oud en Bart van der Leck. En het kunstklimaat in de jaren twintig in de Domstad. Centraal staat zijn meesterwerk: het Rietveld Schröderhuis. Hij bouwde het in 1924 samen en voor Truus Schröder. De maquette van het huis is te zien. En een prachtig kleinood: een opengeslagen dagboekje waarin de kunstenares uitlegt hoe uniek het is om er te wonen. Het is een fantastische ervaring er rond te lopen. Ik heb dat jaren geleden al eens gedaan. Het huis aan de Prins Hendriklaan is met een gids te bezoeken. Een must voor elke Stijl-liefhebber. Op de expositie verder natuurlijk veel Rietveld-meubels, waaronder de beroemde rood-blauwe stoel en zijn eerste voorganger. Nog zonder kleur en met zijpanelen. Maar ook een commode en wieg gemaakt voor de spoorwegarchitect Schelling. Een vroeg werk. Ik had ze nog niet eerder gezien. Gewichtig en zwaar. Later reduceert Rietveld de vorm tot lijnen en vlakken met ruimte ertussen. In de primaire kleuren. Met de stoel en het huis als resultaat. Het werden dé beeldiconen van De Stijl.

Info: Rietvelds Meesterwerk: leve de stijl!

 

Gek van Surrealisme

Vier verzamelaars staan centraal in de grote tentoonstelling Gek van Surrealisme in het Boijmans van Beuningen in Rotterdam. Met elk een eigen sectie. Het mooiste is de zaal met kunstwerken uit de voormalige privécollectie van Edward Jones. Veel bekende schilderijen van Salvador Dali en René Magritte. In het ellipsvormige middengedeelte wordt ingegaan op acht surrealistische thema’s. Erg verrassend. Ik had de meeste schilderijen nog nooit eerder gezien. Van onder meer vrouwelijke kunstenaars, Max Ernst en Paul Delvaux. Heel handig is het gratis publieksboekje. En wie er nog geen genoeg van heeft kan in de zijgang nog genieten van prachtige surrealistische werken uit de eigen collectie van het Boijmans. Info: Gek van Surrealisme