Geschilderd leed uit de kampen

Ceija Stojka (1933-2013) werd als tienjarig Roma meisje samen met haar moeder naar het concentratiekamp Auschwitz gedeporteerd. Daarna volgden vrouwenkamp Ravensbrück en Bergen-Belsen. Ze overleefde de kampen, schreef er op latere leeftijd over en maakte meer dan duizend schilderijen en tekeningen. Zo’n honderd werken zijn te zien in Museum Het Valkhof in Nijmegen. In de eerste schilderijen trekken de Roma’s nog met huifkarren door het Oostenrijkse platteland. Na de deportatie volgen donkere tekeningen. En schilderijen met SS’ers, hakenkruizen, prikkeldraad, sneeuw en kraaien. Op een bijna kinderlijke manier beeld Stojka leed, ellende en geweld in de kampen uit. In de film Unter den Brettern hellgrünes gras vertelt Stojka op indringende wijze hoe ze overleefde in het kamp Bergen-Belsen. Een indrukwekkende expositie.

Info: Ceija Stojka (1993-2013) – Oorlogsherinneringen van een Roma

Advertenties

Nauwgezet en ongemakkelijk

Een mooie, kleine hommage aan Co Westerik (1924-2018) in Museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam. De schilder overleed in september vorig jaar op 94-jarige leeftijd.  Alledaagse onderwerpen. Soms uitvergroot. De schilderijen bestaan uit verschillende nauwgezet aangebrachte verflagen. De tekeningen en fraaie aquarellen zijn juist snel en luchtig gemaakt. De kunstwerken hebben iets ongemakkelijk. Veel aandacht is er ook voor het Touwtjespringend meisje, de enorme muurschildering op de gevel van het Rotterdamse politiebureau aan de Haagseveer. Het gebouw met het kunstwerk werd in 1988 gesloopt. Voortekeningen, een schets en foto’s is het enige wat overbleef. In een interessante brief vertelt de schilder over de zeer moeizame werkwijze.  Bijzonder in de expositie zijn ook negen dagboeken waarin Westerik zijn schildersproces nauwgezet documenteert.

Info: Co Westerik – Dagelijkse verwondering

Harmonisch en mysterieus

Het Drents Museum in Assen laat zo’n honderd schilderijen en tekeningen zien van Matthijs Röling (1943). Een selectie uit een pas verkregen particuliere schenking. Stillevens, (zelf)portretten, naakten en mythische voorstellingen. Harmonische composities met een verstilde, mysterieuze sfeer. Röling stond aan de wieg van het Noordelijk Realisme en was docent aan de Kunstacademie Minerva in Groningen. Hij maakte samen met Wout Muller in het noorden van het land monumentale wand- en plafondschilderingen. Röling schildert al jaren niet meer.

Info: In dank aanvaard: Matthijs Röling

Duister en onheilspellend

Op de valreep nog bezocht. En daar heb ik zeker geen spijt van. Fascinerend. De schilderijen van Raquel van Haver in het Stedelijk Museum. De jonge Amsterdamse kunstenares (29) verbeeldt op een expressieve manier haar ervaringen in de Amsterdamse Bijlmermeer, waar ze woont, en haar verblijf in de krottenwijken en achterbuurten van megasteden in de Caraïben, Afrika en Latijns-Amerika. Ze trok in Lagos op met georganiseerde bendes van teenagers en straatkinderen. De directe aanleiding voor de kunstwerken. In vier kabinetten is elk één schilderij te zien en nog eens drie in een grotere zaal. Waaronder het imposante We do Not sleep as we Parade all Through the Night…, dat iets weg heeft van een Laatste Avondmaal. Met ervoor een speciaal ontworpen zwart podium. Want op haar schilderijen is erg veel te zien. Je moet er pal voor gaan staan. Groepen mensen die samen eten, drinken, dansen en muziek maken. Gezichten, armen en benen zijn weergeven met dikke, kleurrijke heuvels verf. Er zijn kralen te zien, sigarettenpeuken, echt haar, dopjes van bierflessen en zelfs een aantal condooms. De schilderijen hebben iets duisters, onheilspellend. Het doet soms een beetje denken aan de Duitse expressionisten Otto Dix en Max Beckmann. Prachtig!

Info: Raquel van Haver – Spirits of the Soil

Hattem geschilderd en getekend

Eind negentiende eeuw trokken veel schilders naar Hattem. De Kampense schilder Jan Voerman was er in 1889 gaan wonen. Het Hanzestadje aan de IJssel was ook bekend door de kostscholen voor kinderen van rijke burgers. Befaamd waren de tekenmeesters. Zoals Gerrit Jan Scheurleer die vijftig jaar lang tekenlessen gaf aan de Franse School. Veel bekende kunstenaars legden Hattem op doek vast. Het Voerman Museum laat de mooiste werken zien. Het meeste indruk maken de romantische schilders Cornelis Springer, Adrianus Eversen en Eduard Alexander Hilverdink. Wandel je vervolgens door het prachtige Hanzestadje zijn sommige plekken amper veranderd. Zoals het Kerkplein, de Kerksteeg, de Adelaarshoek en de veertiende-eeuwse Dijkpoort. Maar dan nog wel zonder de kap- en hoektorentjes die de architect Pierre Cuijpers later aanbracht.

Info: Pittoresk Hattem – getekend en geschilderd door bekende kunstenaars